Expo ’58 en “Koning Auto”

Het duurde meer dan veertig jaar om de spoorverbinding Noord-Zuid aan te leggen, terwijl amper drie jaar nodig waren om Brussel grondig om te vormen tot een van de Europese hoofdsteden met het grootste aantal motorvoertuigen per inwoner. Expo ’58 heeft dat proces in een stroomversnelling gebracht. D...

Descripción completa

Guardado en:
Detalles Bibliográficos
Publicado en:URI:https://journals.openedition.org/brussels,
Autor principal: Hubert, Michel
Formato: Article ou chapitre numérique
Lenguaje:Hollandais
Publicado: Brussels Studies 2016
Materias:
Acceso en línea:Accès Université d'Orléans et IFPM
Accès Université d'Orléans et IFPM
Descripción
Sumario:Het duurde meer dan veertig jaar om de spoorverbinding Noord-Zuid aan te leggen, terwijl amper drie jaar nodig waren om Brussel grondig om te vormen tot een van de Europese hoofdsteden met het grootste aantal motorvoertuigen per inwoner. Expo ’58 heeft dat proces in een stroomversnelling gebracht. De auteur licht eerst de omstandigheden toe waarin het autogericht beleid in Brussel tot stand is gekomen en zoekt vervolgens naar de oorzaken voor de moeizame omschakeling van Brussel naar een minder autoafhankelijk stadsontwikkelingsmodel. Als de huidige trend zich in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tegen 2015 doorzet, zal de auto veruit de dominante vervoermodus zijn in het hele GEN-gebied. Die crisissituatie is vandaag al merkbaar en is misschien een kans om die trend om te buigen. Nu we op een technologisch keerpunt staan, kunnen alleen een grootschalig investeringsplan in het openbaar stadsvervoer te Brussel en de inschakeling ervan in een beheersen informatiesysteem op een adequate functionele schaal (GEN-gebied) het tegengewicht vormen voor de plannen tot uitbreiding van het wegennet die tijdens de drie decennia na Expo ’58 werden uitgevoerd. Zo’n trendbreuk is niet mogelijk zonder een grondige reflectie over de rijen parkeeromstandigheden van het wegverkeer, de externe kosten van het autovervoer en de bijdrage ervan tot de financiering van het openbaar vervoer. Bij die reflectie moet ook ruimte zijn voor inspraak van de burgers. De ruimten in de stad die er verkommerd bij liggen ten gevolge van de grote wegeninfrastructuurwerken van het verleden, kunnen weer aantrekkelijk worden gemaakt, zoals blijkt uit stadsherwaarderingsprojecten in Boston en Madrid.